Jaarverslag

Woord vooraf

Terug naar navigatie - Jaarverslag - Woord vooraf

Voor u liggen de jaarstukken over 2025. Deze zijn opgesteld volgens wat is bepaald in artikel 197, lid 1 Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en lokale kaders zoals de Financiële Verordening, de Nota Reserves, Voorzieningen en Investeringen en het Ordevoorstel Planning- en Controlcyclus. De jaarstukken geven inzicht in het financiële resultaat dat is bereikt. Ook doen we hierin verslag van de resultaten die zijn behaald binnen elk programma.

Een actueel financieel beeld wordt gegeven bij de Kadernota 2027. In de Programmabegroting 2027-2030 maken we, binnen de financiële kaders, de keuzes in de opgaven en ambities.

 

Het college van burgemeester en wethouders van Delft

Inleiding

Algemeen

Terug naar navigatie - Inleiding - Algemeen

Hierbij biedt het college van burgemeester en wethouders de Jaarstukken 2025 aan. Met de jaarstukken legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad over het afgelopen jaar. Een jaar waarin we samen met uw raad, met bewoners, ondernemers en onze partners zichtbare resultaten hebben geboekt. Zoals op de Gasthuisplaats, die tijdelijk is ingericht als groene ontmoetingsplek. Bij Delft Campus, waar het Stationshuis is geopend als nieuwe bruisende ontmoetingsplek in Delft-West. In Voorhof en Buitenhof, waar de aanleg van het Warmtenet Delft vorm krijgt. In de Wij West-locatie in De Hoven, die is uitgebreid met het Regionale Werkcentrum om re-integratie en dienstverlening voor participatie toegankelijker te maken. En aan het Himalayapad, waar de speeltuin opnieuw is ingericht zodat ook rolstoelgebruikers gebruik kunnen maken van deze voorziening.

Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen die tot zorg stemmen. We merken in Nederland de gevolgen van wereldwijde onrust. De toenemende dreiging vereist dat we ook in Delft alert blijven, onder meer door bewoners digitaal weerbaarder te maken. En hen erop te wijzen dat ze zich moeten voorbereiden op noodsituaties en daarbij oog te hebben op mensen die minder zelfredzaam zijn. We zien ook dat de druk op het elektriciteitsnet te groot wordt, waardoor nieuwe ontwikkelingen stagneren. Samen met Stedin en partners wordt gewerkt om zoveel mogelijk innovatieve oplossingen in te zetten om projecten perspectief te geven. De impact van netcongestie is echter groot, waardoor niet alles oplosbaar is. 

2025 was ook een jaar van enkele bestuurlijke veranderingen. Landelijk leidde de val van het kabinet tot nieuwe verkiezingen voor de Tweede Kamer en de vorming van een nieuwe coalitie. En in Delft namen we afscheid van burgemeester Marja van Bijsterveldt en konden we haar opvolger Alexander Pechtold welkom heten.

Samen maken we de stad
De stad maken we met elkaar: met college en gemeenteraad, met de mensen die hier werken, ondernemen of studeren, en de bedrijven, organisaties en verenigingen die hier actief zijn. Samen zetten we ons in voor het duurzaam versterken van Delft. Waarbij we de kracht van Delft als stad van techniek en innovatie ten volle benutten. En waarbij we inzetten op een evenwichtige opbouw van onze groeiende stad, met kansen voor iedereen.

Samen hebben we in 2025 gewerkt aan zichtbare resultaten voor onze stad. Dit vanuit vijf heldere accenten: een Delft dat kansrijk is voor iedereen, een stad die ruimte biedt voor wonen, een gezonde en veilige stad, een duurzame stad, en een stad met economische kracht die bruist.

We hebben de resultaten bereikt met een focus op drie grote meerjarige opgaven: Delft-West, het Innovatiedistrict Delft en de Energietransitie. De inzet op deze opgaven versterkt Delft als een duurzame, vitale en inclusieve stad. Deze hebben ook het afgelopen jaar onze bestendige koers bepaald.

Delft-West
In Delft-West werkt de gemeente nauw samen met de politie, woningcorporaties, scholen, zorginstellingen, het bedrijfsleven én met buurtbewoners aan het programma Wij West. Samen zetten we in op een veiliger en leefbaarder Delft-West. Omdat alle Delftse inwoners dezelfde kansen verdienen.

In 2025 konden we een nieuwe bruisende ontmoetingsplek in Delft-West openen: het Stationshuis. Deze locatie biedt flexwerkplekken en een café met veel buitenruimte, dicht bij station Delft Campus. Het is een levendige plek waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten, waar ideeën kunnen groeien, talent de ruimte krijgt en ondernemerschap wordt gestimuleerd. 

Innovatiedistrict Delft
Met onze partners ontwikkelen we de TU Delft Campus samen met Schieoevers tot het Innovatiedistrict Delft: een aantrekkelijke plek voor werken, wonen, leren én ondernemen tegelijk. Een plek met mogelijkheden, ook voor de Delftenaren uit Delft-West en alle andere wijken.

Samen met de partners hebben we een gedeeld toekomstbeeld opgewerkt voor Schieoevers en TU Delft Campus: het Ruimtelijk ambitiedocument Innovatiedistrict Delft. Dit dient straks als input voor de Omgevingsvisie Delft-Zuidoost. Met de komst van de opleiding Mechatronica van ROC Mondriaan naar Delft is de techniekketen op elk niveau versterkt.

In het Techniek Buurthuis kunnen kinderen van 8 tot 14 jaar na schooltijd op diverse schoollocaties wekelijks in aanraking komen met innovaties in de techniek. Met de opening van het Techniek Buurthuis én het Robotica-jaar in 2026 stimuleren we dat veel jongeren kennismaken met techniek en innovaties. 

Het Innovatiedistrict Delft speelt ook een belangrijke rol in het blijven behouden en versterken van het sterke innovatieve Delftse (kennis)ecosysteem. Zo is in 2025 opnieuw een bijdrage verleend aan YES!Delft, InnovationQuarter en Planet B.io voor hun rol in de versterking van het Delftse ecosysteem.

Energietransitie
Vanuit de opgave Energietransitie is Delft op weg om in 2050 een klimaatneutrale stad te zijn. We zetten ons ervoor in dat iedereen mee kan doen aan de overstap naar duurzame energie. In Delft hebben we de kennis in huis en de juiste mentaliteit om dat op vernieuwende wijze te bereiken.

Op 1 januari is de nul-emissie zone van de binnenstad van start gegaan. Bovendien is de eerste levering van het warmtenet gestart in de TU-wijk en is de impactanalyse netcongestie afgerond, Hierin zijn keuzes gemaakt in de volgorde van projecten waarmee de gemeente aan de slag is gegaan voor innovatieve oplossingen voor de stroomvoorziening. Na de vaststelling van het eerste warmteuitvoeringsplan (WUP) in de Multatulibuurt zijn we gestart met participatie voor het WUP in Voorhof-Zuidwest.

In het transitiepad voor energie-infrastructuur is de samenwerking met Delft-West en het Innovatiedistrict het meest tastbaar. We starten een warmtenet voor corporatiewoningen in Delft-West, waar kwetsbare Delftenaren als eersten een betaalbare alternatieve warmtevoorziening krijgen. Daarbij zetten we de innovaties van de TU Delft en het Innovatiedistrict in: geothermie als warmtebron en een hoge temperatuuropslag in de zomer voor gebruik in de winter.

In Delft-West bieden we extra hulp aan bewoners die hun energieverbruik willen verlagen, en zo kunnen besparen op hun uitgaven. We hebben het mogelijk gemaakt dat energiehulpen de meest kwetsbare mensen kunnen blijven bereiken, in elk geval tot eind 2027.

Delft kansrijk voor iedereen
We werken aan een sterke stad met sterke wijken en goede voorzieningen, waar mensen prettig en veilig kunnen wonen en mogelijkheden hebben om zich te ontwikkelen. In 2025 heeft de raad de nota Samen Thuis in Delft vastgesteld. Deze nota beschrijft onze visie met ambities én acties die erop gericht zijn dat iedereen zich thuis voelt in Delft en mee kan doen.

We blijven inzetten op het bestrijden van armoede en het geven van hulp bij schulden. In 2025 hebben we ons voorbereid op de inwerkingtreding van de Participatiewet in Balans. De leidende principes van eenvoud, menselijke maat en vertrouwen worden beter verankerd in de wet en ons lokale beleid en werkwijzen. De wetswijziging sluit aan bij het project 'Werken volgens de bedoeling' dat ook in 2026 wordt voortgezet. Het aantal mensen in de bijstand was in 2025 overigens lager dan ooit. Met de uitvoering van de acties en maatregelen uit de nota Armoede blijven we inzetten op het bestrijden van armoede, zoals met de inzet van een meertalige campagne om gebruik van regelingen zoals AV Delft en het Volwassenenfonds te vergroten en het loket 'Geldzaken voor Elkaar' waar iedereen met geldzorgen terecht kan. En we bieden hulp bij schulden, zoals met de inmiddels reguliere werkwijze: 'zonder geldzorgen naar werk'. Hiermee versterken we de financiële zelfredzaamheid van inwoners.

Ruimte voor wonen
We zetten in op gemengde wijken, betaalbare en gezonde woningen, conform de Woonvisie 2023-2028. De druk op de woningmarkt blijft echter groot. We zien dat de bouwproductie landelijk, en ook in Delft, achterblijft. Nieuwbouw loopt vertraging op door procedures, hogere rentelasten, netcongestie, stikstof en tekorten op de arbeidsmarkt. Om voortgang te houden, zijn we in 2025 doorgegaan met de lokale Bouwtafel. Met onze externe samenwerkingspartners (corporaties en ontwikkelaars) wisselen we hier informatie uit, leren we van elkaar, lossen we knelpunten op en sturen we op doorlooptijd. De eerste ervaringen zijn positief. 

We hebben in 2025 verder gewerkt aan de gebiedsontwikkeling Kop van de Buitenhof, waar naast zorg- en maatschappelijke voorzieningen ook een divers woonprogramma (onder meer een Knarrenhof) is gepland en we hebben een integraal ontwikkelplan voor de locatie Gillis/Delfia opgesteld en middelen van het Rijk ontvangen. We wachten nog op een uitspraak van de Raad van State voor Schieoevers. We hebben het actieplan studentenhuisvesting opgesteld en de acties zijn in uitvoering. 

De ambitie voor Nieuw Delft is om een economisch vitale en levendige stadswijk te realiseren. In 2025 is het laatste project van het noordelijk deel afgerond: de Hooghe Delft met filmhuis Lumen. Ook de ontwikkeling van Pieter van Foreest met de sociale woningbouw van Woonbron is nagenoeg afgerond. Daarnaast wordt hard doorgebouwd aan de zelfbouwkavels en de twee tenders Het LeeuwenDeel en De Koploper.

Een gezonde en veilige stad
We werken aan een gezonde, veilige en inclusieve stad, met inzet op ontmoeting en preventie. We willen dat inwoners van Delft veilig en goed kunnen wonen en leven. De afgelopen jaren is ingezet op de beweging van zorg naar gezondheid en preventie, met het oog op het bieden van bestaanszekerheid, een sterke sociale basis en het houdbaar houden van het zorgstelsel. We hebben hiervoor lokaal initiatieven gestart, zoals Kansrijke Start en transmuraal maatschappelijk werk. Met de visie op de sociale basis ‘Iedereen doet mee, Samen zijn we de sociale basis’ geven we hier richting aan. Uitvoering verloopt via het welzijnswerk, als één van de belangrijkste instrumenten van de gemeente om de sociale basis van kwetsbare inwoners te versterken. 

In 2025 is de welzijnsaanpak anders ingericht. Per 2026 is hiervoor een zelfstandige uitvoeringsorganisatie van de gemeente actief. We zorgen voor continuïteit en vaste gezichten in de wijk, zodat ondersteuning in de wijken dichtbij inwoners wordt geboden en we zwaardere hulpvragen kunnen voorkomen. Ook Delft Support speelt een belangrijke rol in de beweging van zorg naar preventie, als één van de belangrijkste verwijzers naar zorg voor onze inwoners. We bouwen aan een stevig lokaal team om ook in de toekomst zo min mogelijk te hoeven verwijzen naar zorg. Zorgelijk is dat veiligheid van meisjes en vrouwen in onze samenleving nog altijd niet vanzelfsprekend is. Met de campagne Ben je Oké? wijzen we erop wat omstanders kunnen doen als zij getuige zijn van grensoverschrijdend gedrag. Zo werken we eraan dat iedereen in Delft zich veilig kan voelen.

Ook in 2025 waren er incidenten met een negatieve impact op de (ervaren) veiligheid en het woon- en leefklimaat. Het ging om onder meer explosies door zwaar vuurwerk, autobranden en ernstige overlast. We willen dat bewoners zich bewust zijn van verdachte activiteiten in hun omgeving. We hebben daarom meegedaan aan de Meld Misdaad Anoniem-campagne over explosies. Ook de inzet van een ‘drugslokbus’ hielp om bewoners bewuster te maken van ondermijnende drugscriminaliteit.

De samenwerking met de politie hebben we geïntensiveerd, mede door de komst van de nieuwe ‘digitaal wijkagent’ in Delft. Om bewoners weerbaarder te maken tegen oplichting is een grote groep senioren door een interactieve training concreet geleerd hoe zij babbeltrucs en digitale oplichting kunnen herkennen. Het aantal demonstraties is opnieuw fors toegenomen, gevoed door onrust in de wereld. In 2025 waren er 47 demonstraties, tegen 21 een jaar eerder.

Een duurzame stad
Samen met inwoners, bedrijven en organisaties werken we aan een schone toekomst. Voor onszelf én voor volgende generaties. In 2025 hebben we de Circulaire Bouwstandaard van Delft vastgesteld. Hiermee maken we onze circulaire ambities voor de bouw concreet. Vanuit het Circulair Ambachtsnetwerk zijn twee kwartiermakers aangesteld die nieuwe projecten starten en het netwerk vergroten. Dit heeft geleid tot onder meer twee succesvolle meubelprojecten, waarbij gebruikte meubels een tweede leven hebben gekregen. 

We hebben in 2025 gewerkt aan het vergroenen van de stad door 'overbodige verharding' weg te halen. Bijvoorbeeld met het project '100 groene plekken' en door locaties als het Bagijnhof en de Delftse tuin om te vormen tot groene plekken. We hebben bovendien meerdere initiatieven in de stad ondersteund die bijdragen aan het vergroenen en het vergroten van de biodiversiteit. Dit onder meer in Tanthof, de binnenstad, het Agnetapark en Hof van Delft. In nauw overleg met omwonenden hebben we de Gasthuisplaats tijdelijk heringericht als groene ontmoetingsplek, in aanloop naar het omvormen tot een stadspark.

We bleven inzetten op actieve mobiliteit, door prioriteit te geven aan de voetganger en de fietser. Bijvoorbeeld in de binnenstad, waar we het autoluwplus-gebied uitbreiden, met maximale ruimte voor de voetganger. In 2025 hebben we al diverse parkeerplekken verwijderd, in aanloop naar de uitbreiding van het gebied in 2026. De gemeente gaat de grachten, straten en stegen in het autoluwplus-gebied opnieuw inrichten.

Economische kracht en bruisende stad
We zetten in op het versterken van de economische kracht en op een bruisende stad. De werkgelegenheid in Delft is gegroeid, in lijn met de ambitie. Het aantal vierkante meter bedrijfsruimte blijft achter. Dit komt vooral door het later opleveren van gebiedsontwikkelingen en de prijsstijgingen in de markt. Wel zien we na een aantal jaren van afname een groei in vierkante meters bedrijfsruimte met een industriefunctie.

De verbouwing van Museum Prinsenhof Delft is in uitvoering. Er blijft voor bezoekers gelukkig voldoende te beleven in de periode dat het museum is gesloten. Zoals de voorstelling Luminiscence in de Oude Kerk en de musical Willem van Oranje. Voor de renovatie van het Rietveld Theater heeft de raad de middelen beschikbaar gesteld, waarna we de voorbereidingen voor een definitief ontwerp zijn gestart. In 2025 hebben we een subsidieregeling voor creatieve makers, kleine culturele organisaties en initiatieven in het leven geroepen. Met deze regeling stimuleren we een impactvol en innovatief aanbod, specifiek voor initiatiefnemers die niet in aanmerking komen voor meerjarige subsidies. We hebben een onderzoek laten doen naar fatsoenlijke beloning ('fair pay') bij culturele instellingen met een jaarlijkse subsidie van de gemeente en houden rekening met de meerkosten die hiervan een gevolg zijn.

Opvolging aanbevelingen Delftse Rekenkamer
De Gemeentewet verplicht het college om de raad jaarlijks een overzicht van de opvolging van de aanbevelingen van de rekenkamer te sturen. Dit overzicht, dat als bijlage is opgenomen vóór de programmaverantwoording, bevat de opvolging van de door de raad overgenomen aanbevelingen in de rapportages van de Delftse Rekenkamer uit de periode 2023-2025.

Het financiële resultaat
Het jaar 2025 sluiten we af met een positief rekeningresultaat. Het verschil tussen de begroting (planning) en de jaarrekening (realisatie) wordt in hoofdzaak veroorzaakt door incidentele voordelen in 2025. Het rekeningresultaat is € 5,4 miljoen positief. Het omvat het saldo van baten en lasten (€ 23,1 miljoen voordelig) en het saldo van reservemutaties (€ 17,7 miljoen nadelig). Dit positieve resultaat wordt op hoofdlijnen toelicht in het onderdeel Financieel resultaat 2025. Een uitgebreide toelichting is opgenomen bij de diverse programma's. 

Na het voorstel tot bestemming van het resultaat ter hoogte van € 3,5 miljoen blijft een voordelig saldo over van € 2,0 miljoen. Enkele bedragen die in 2025 niet zijn uitgegeven worden doorgeschoven naar 2026. Het saldo wordt toegevoegd aan de Algemene reserve en kan als incidentele dekking worden betrokken bij de Kadernota 2027.

De uitdaging voor de komende jaren blijft om uitvoering te geven aan de ambities en aan de benodigde investeringen in de stad met behoud van onze gezonde financiële positie. Dit kan door te sturen op uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en financierbaarheid. 

Focus op drie opgaven: Delft-West, Innovatiedistrict Delft en Energietransitie

Algemeen

Terug naar navigatie - Focus op drie opgaven: Delft-West, Innovatiedistrict Delft en Energietransitie - Algemeen

Delft is een prachtige stad die veel te bieden heeft. De kansen die er liggen, kunnen we echter beter benutten. We hebben iedereen hard nodig voor een mooi en duurzaam Delft, ongeacht de buurt waar je woont, of de omvang van je portemonnee: iedereen moet mee kunnen doen. We brengen de basis op orde en doen wat nodig is, voor álle Delftenaren.

Om de stad te versterken en te zorgen dat iedereen daarvan profiteert en mee kan doen, focussen we onze inzet op drie grote opgaven. We geven voorrang aan investeringen in die opgaven: Delft-West, Innovatiedistrict Delft (IDD) en Energietransitie. We willen alle inwoners gelijke kansen bieden en werken daarom aan leefbaarheid en veiligheid in Delft-West. We willen met het Innovatiedistrict de stad en de regio meer laten profiteren van de kennis en innovatie in Delft. En we willen klimaatneutraal zijn in 2050, dus werken we op volle kracht verder aan de energietransitie. 

In de Kadernota 2023 zijn incidentele middelen gereserveerd voor Delft-West (€ 10 miljoen) en IDD (€ 8 miljoen) en er was al € 15 miljoen beschikbaar voor de energietransitie. Daarnaast krijgen we voor de uitvoering middelen van het Rijk voor infrastructuur (versnellingsgelden, mobiliteitsbudget), woningbouw (woningbouwimpuls), sociale opgaven (preventie met gezag, rijke schooldag) en de energietransitie (voor bemensing, aanpak energiearmoede, uitvoering isolatieplan en het Volkshuisvestingsfonds).

1. Delft-West

Inleiding

Terug naar navigatie - 1. Delft-West - Inleiding

De gemeente neemt deel aan het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV). Samen met andere deelnemers, waaronder maatschappelijke partners, bewoners en ondernemers die in de wijk wonen of werken, zetten we ons gezamenlijk in voor een toekomst waarin alle bewoners mee kunnen doen, kunnen ondernemen, in staat zijn hun kansen te pakken en hun talenten weten te benutten.

Uitvoeringsprogramma Wij West 2024-2028

Terug naar navigatie - 1. Delft-West - Uitvoeringsprogramma Wij West 2024-2028

Het afgelopen jaar is binnen Wij West verder gewerkt aan de uitvoering van de ambities voor Delft-West, zoals opgenomen in de uitvoeringsagenda 2024-2028.

Wijkgericht werken
Een belangrijke ontwikkelstap in het afgelopen jaar is het verder vormgeven van wijkgericht werken als zelfstandige werkwijze binnen Wij West. Door inzet en samenwerking beter te organiseren vanuit de wijk, is de aansluiting tussen beleid, uitvoering en signalen uit de praktijk versterkt. Wijkgericht werken doen we samen met onder andere de politie, toezicht en handhaving, woningcorporaties en Delft voor Elkaar. Wijkgericht werken biedt ruimte om op wijkniveau te prioriteren en om verschillende opgaven in samenhang te benaderen. Zo werken we aan een afvalaanpak voor meerdere wijken, zijn er huiskamers voor de wijk gerealiseerd waar bewoners gebruik van kunnen maken voor activiteiten en vragen en is de programmering van kinderactiviteiten in de wijken tijdens vakantie versterkt. De focusbuurten hebben een intensievere aanpak, waarbij gemeente, Alliantieraad en woningbouwcorporaties het voortouw nemen om de wijk te verbeteren. Dat kan gaan om acties op korte termijn, zoals een afvalaanpak en het realiseren van sportveldjes, en acties op de langere termijn, zoals bijvoorbeeld herstructurering van woningen.

Bewonersinitiatief
Ook hebben we het afgelopen jaar ingezet op het gericht samenwerken met bewonersinitiatieven en het organiseren van bewonerscafé’s voor en door bewoners. Hierbij zijn initiatieven in de wijk beter verbonden aan de bredere opgaven van Wij West, zoals talentontwikkeling voor jongeren en meedoen in de wijk. Voorbeelden zijn onder andere de straatmaatjes in Voorhof en de Onwijze moeders in Tanthof.

Fysieke pijler
Binnen de fysieke pijler van Wij West is er extra geld gekomen voor de Nieuwe Gillis. Deze opgave richt zich op het toevoegen van passende en betaalbare woningen, het verbeteren van de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad door verduurzaming en renovatie en het aanpassen van de buitenruimte zodat de wijk leefbaarder wordt. Deze ontwikkeling draagt bij aan een toekomstbestendige wijk en biedt kansen om sociale opgaven beter te verbinden aan fysieke investeringen. Op het gebied van spelen, ontmoeten en bewegen is in 2025 ook geïnvesteerd in ontmoetingsplekken, speeltuinen en sportmogelijkheden in de buitenruimte met participatie van bewoners.

Talentontwikkeling
De Rijke Leerdag Wij West is in 2025 uitgebreid en richt zich op het versterken van talentontwikkeling voor kinderen in Delft-West. Scholen, DOK en andere maatschappelijke partners, zoals Haaglanden Beweegt, werken samen aan een samenhangend aanbod van onderwijs, cultuur, sport en ontwikkeling. DOK vervult hierin een verbindende en coördinerende rol tussen scholen en partners.

Regiodeal in de steigers
Daarnaast is de start gemaakt met meerdere initiatieven vanuit de Regiodeal, waarmee extra impulsen worden gegeven aan kansengelijkheid en perspectief in Delft-West, in samenwerking met de opgave Innovatie District. Voorbeelden hiervan zijn initiatieven gericht op:

  • het vergroten van ontwikkelkansen voor kinderen en jongeren zoals de Wijkuniversiteit en Smart Makers Delft. De Wijkuniversiteit is een plek waar jongeren en kinderen samen met studenten en docenten onderzoeken en waar in samenwerking van bewoners gekeken wordt hoe de wijk verbeterd kan worden. Smart Makers Delft gaat over het aanbieden van technieklessen op school.
  • Talentontwikkeling en toeleiding naar werk en ondernemerschap, in samenwerking met lokale partners zoals Stunt en Boostlab. Hier worden potentiële ondernemers begeleid in hun ondernemerschap.
  • Ontmoeting en preventie in de wijk door een investering in de Buurtfabriek, een ontmoetingsplek in de wijk waar voor en door bewoners activiteiten worden georganiseerd. Meedoen en activering staat centraal.

2025 stond in het teken van opstart van regiodeal, met aandacht voor aansluiting op bestaande structuren en programma’s in Delft-West. Aandachtspunt is dat in dit opstartjaar we wel een onderuitputting zien in gelden van de regiodeal wat logischerwijs te verklaren is door de opstart van de regiodeal door partijen dit jaar. De regiodeal loopt na 2025 nog drie jaar. De verwachting is dat we deze onderuitputting (deels) gaan inlopen. Met het ministerie van Binnenlandse Zaken zijn we in gesprek over benutting van deze onderuitputting conform de doelstellingen van de afgesloten Regiodeal.

2. Innovatiedistrict Delft

Algemeen

Terug naar navigatie - 2. Innovatiedistrict Delft - Algemeen

We staan aan het begin van de meerjarige ontwikkeling van het Innovatiedistrict Delft (IDD). In Delft hebben we een unieke concentratie van kennis, technologie, talent en ondernemerschap. Deze mix is vooral zichtbaar in Delft-Zuidoost. Daar is dankzij de aanwezigheid van de TU Delft en hogescholen een sterk ecosysteem van kennis en innovatie, van bedenken en maken. Tegelijkertijd zien we dat inwoners van de stad nog te weinig voordeel hebben van deze innovaties, dat de groei van banen in Delft achterblijft en dat er weinig betaalbare bedrijfsruimte is. Daarom ontwikkelen we Delft-Zuidoost tot een innovatiedistrict, met werkgelegenheid, wonen, onderwijs op alle niveaus. Een aantrekkelijk gebied om te werken, wonen, ontmoeten, leren en ondernemen.

De ontwikkeling van een gebied tot een innovatiedistrict gaat niet vanzelf. De vijf deelnemende partijen hebben zich het afgelopen jaar ingezet om een goede basis te leggen voor de verdere ontwikkeling van het innovatiedistrict. 

Wat hebben we gedaan?

Terug naar navigatie - 2. Innovatiedistrict Delft - Wat hebben we gedaan?

Het afgelopen jaar is vanuit de samenwerkingsovereenkomst en de gemeente Delft verder gewerkt aan de ambities van het Innovatiedistrict Delft (IDD). Vanuit de samenwerkende partners is een jaarplan 2025 en meerjarenperspectief 2028 opgesteld. Hierin stonden zichtbaarheid, positionering en data centraal. De acties uit het meerjarenplan en de inzet van de Gemeente Delft hebben geleid tot diverse concrete resultaten. 

Economisch
De zichtbaarheid en positionering zijn versterkt doordat het IDD is opgenomen in een aantal belangrijke visies en uitvoeringsagenda's, wat een randvoorwaarde is voor verdere ontwikkeling. Het gaat hier om de Visie Economisch Vestigingsklimaat van de MRDH, de Versnellingsprogramma Groeiagenda Zuid-Holland, Delftse bedrijven en kennis die onderdeel zijn van het rapport De route naar toekomstige welvaart van de heer Wennink. Ook liggen er adviezen om de economische relatie tussen Delft en Rotterdam te versterken. De kraamkamerfunctie vanuit het IDD staat hierbij centraal. 

Om de zichtbaarheid te vergroten, is gewerkt aan een communicatieplan, een socialmedia-strategie en is gestart met een LinkedIn-pagina. 

Er vindt sinds dit jaar een gezamenlijk acquisitieoverleg plaats met TU Delft, gemeente Delft en Bedrijven Kring Schieoevers. Planet B.io sluit vanaf 2026 aan bij dit overleg. Diverse bedrijven zijn geland, verhuisd of uitgebreid binnen het IDD-gebied, bijvoorbeeld Robin Radar, CEAD, RoboHouse en Magis Real Estate (ontwikkeling Terminal01).

Ruimtelijk 
Het Ruimtelijk Ambitiedocument Innovatiedistrict Delft is opgeleverd. In dit document hebben de partners hun gedeelde ambities voor de ontwikkeling van het gebied geformuleerd. Daarin is ook beschreven waar nog nader onderzoek en afstemming nodig is. Nog niet eerder hebben de partners hun toekomstbeeld samen uitgewerkt én opgeschreven in een beeldend document.

Er is gestart met het uitwerken van de gebiedsvisie SVRT (Schieoevers-Zuid, Vulcanusweg, Rotterdamseweg, Tanthofdreef). Met gebruikmaking van het ruimtelijk ambitiedocument, is een document opgesteld met bouwstenen. De vier bouwstenen vormen de dragers voor de op te stellen visie: helder zoneren, verbinden met de omgeving, openbare ruimte aantrekkelijker maken en interactie plekken activeren. Aan de hand hiervan wordt de visie verder uitgewerkt en vindt het gesprek met de stakeholders plaats. Dit document is kort voor het kerstreces vastgesteld door het college en vrijgegeven voor participatie. In januari wordt het onderwerp behandeld in de werkgroep leefomgeving. De definitieve gebiedsvisie wordt voor de zomer van 2026 afgerond.
De uitwerking van de visie SVRT is vertraagd, doordat het Ruimtelijk Ambitiedocument Innovatiedistrict Delft later is afgerond dan gepland. 

Voor de route Station Campus – TU Delft is het achterstallig onderhoud bijna weggewerkt (stoeptegels, veilig maken voetpad, schone omgeving). Er worden stappen gezet voor het realiseren van een goede voetgangersverbinding, inclusief bewegwijzering, met de TU Delft. De innovatieve verbeteringen van deze route zijn vertraagd. De route kent diverse eigenaren en het opstellen van een uitvoeringsplan kost daardoor meer tijd dan verwacht. 

De eerste innovatie kubus is geplaatst. Deze glazen kubussen bieden expositieruimte aan ondernemers in het gebied.

Sociaal
Er is een coördinator Strategie Onderwijs en Arbeidsmarkt aangesteld. De coördinator helpt om de verbinding met de onderwijsketen te verbeteren. Als gemeente Delft hebben we actief deelgenomen aan het programma Beethoven Zuid-Holland. Hiervoor werken we samen met de TU Delft, Haagse Hogeschool, InHolland en het ROC Mondriaan. Er is overeenstemming bereikt over het bouwen van een cleanroom in Delft, het HBO is dit jaar gestart met twee nieuwe technische opleidingen en het ROC Mondriaan heeft dit jaar de opleiding Mechatronica verplaatst naar Delft, het schooljaar 2025-2026 is gestart met vier klassen, in plaats van de verwachte drie.

Vanuit het IDD blijven we verbinding zoeken met de opgaves Delft-West en Energietransitie. Een voorbeeld hiervan is het technisch buurthuis. Enkele onderwijsinstellingen met goede techniekruimten stellen deze ruimte na schooltijd beschikbaar voor kinderen uit de buurt voor een kortdurend programma met een technisch thema. Zo wordt techniekonderwijs gestimuleerd. De geothermieput, die zich op het terrein van de TU Delft bevindt, is een goed voorbeeld hoe onderzoek van de TU Delft leidt tot nieuwe innovaties. Zoals de aanleg van het wamtenet dat zorgt voor lokale warmte voor 6000 woningen in o.a. Voorhof en Buitenhof. 

3. Energietransitie

Algemeen

Terug naar navigatie - 3. Energietransitie - Algemeen

Delft is op weg om een klimaatneutrale stad te worden in 2050. De gemeente, inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties werken samen aan een schone toekomst, voor onszelf én voor toekomstige generaties. Om deze opgave te realiseren, vragen we iedereen die kan om hieraan bij te dragen. En we zetten ons ervoor in dat iedereen mee kan doen in de overstap naar duurzame energie. 

In de Routekaart Delft Klimaatneutraal 2050 zijn hiervoor de doelstellingen, mijlpalen en vijf transitiepaden vastgesteld. Omdat de termijn tot 2050 erg lang is, zijn er in de routekaart ook tussendoelen gesteld die ervoor moeten zorgen dat Delft in 2030 een reductie van 60% van de uitstoot van CO2 bereikt zal hebben ten opzichte van 1990. Om deze tussendoelen te bereiken is in 2025 is een uitvoeringsagenda 2025-2028 opgesteld die begin 2026 aan de raad is aangeboden.

Enkele hoofdresultaten van 2025 uit de vijf transitiepaden zijn hieronder beschreven. Meer resultaten uit 2025 van de opgave energietransitie worden genoemd in de teksten over energietransitie onder het programma Duurzame stad, het programma Mobiliteit en het programma Economie en vastgoed.

Transitiepad Wonen
In 2025 hebben we intensief ingezet op het isoleren met de diverse instrumenten uit het isolatieplan: voorlichting en informatieverschaffing vanuit het energieloket, advies over isoleren door de energiecoaches en praktische hulp bij kleine isolatiemaatregelen door de energiehulpen. De inzet van energiehulpen in Delft-West om de meest kwetsbare mensen te kunnen bereiken is mogelijk gemaakt tot eind 2027. Ook zijn in 2025 de energie-ambassadeurs in 3 wijken van Delft gestart. Zij moeten zorgen dat mensen in actie komen met verduurzamen van hun huis en zij helpen de mensen op weg. Verder hebben we gericht onderzoek uitgevoerd naar hoe verduurzamen van monumenten vormgegeven moet worden. Na vaststelling van het eerste warmteuitvoeringsplan (WUP Multatulibuurt) is meteen gestart met de volgende intensieve participatie voor het WUP in Voorhof-Zuidwest. Vanuit Delft Doet Duurzaam wordt de communicatie van de Energietransitie gebundeld en is daarmee goed vindbaar. De klimaatweek is ook een succesvolle pijler om de focus op de energietransitie te krijgen en partijen die hieraan meedoen met elkaar in contact te brengen.

Transitiepad Industrie & commerciële dienstverlening
Delft volgt landelijk beleid bij het verduurzamen van industrie en commerciële dienstverlening. Om inzicht te krijgen in de stand van zaken en behoefte van de verschillende sectoren, zijn we gestart met een verkenning voor de mogelijke ondersteuning en activering van de economische sector. De netcongestie heeft een behoorlijke impact op de verduurzaming omdat juist hier elektrificatie nodig is om te verduurzamen, maar deze stroom nu niet beschikbaar is. Daarom is de focus nog meer komen te liggen op innovatieve stroomoplossingen zoals energy-hubs en alternatieven voor het delen van stroom. Ook zijn we de handhaving van energielabel-C bij kantoorgebouwen gestart met het aanschrijven van de eerste bedrijven die nog niet voldoen aan deze eis. Tot nu toe zijn er nog geen handhavingsbrieven verstuurd.

Transitiepad Publieke dienstverlening
Onder de publieke dienstverlening vallen alle organisaties met een maatschappelijke functie, zoals overheidsgebouwen, onderwijs, gezondheids- en welzijnszorg, cultuur, sport en recreatie. De gemeente heeft hierbij een voorbeeldrol. Deze hebben we opgepakt in de routekaart verduurzaming gemeentelijke vastgoedportefeuille die in 2025 is vastgesteld.

Diverse gebouwen zijn voorzien van led-verlichting en de installaties zijn aangepast op natuurlijke onderhoudsmomenten. Daarnaast zijn we gestart met een leer-lab van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening om samen met andere gemeenten op een data-gedreven manier de verduurzaming van gemeentelijk vastgoed aan te pakken. Verder heeft de raad in maart 2025 het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs vastgesteld. Overige sectoren moeten in 2026 nog in kaart gebracht worden, zodat de rol van de gemeente daarbij duidelijk wordt.

Transitiepad Mobiliteit
Belangrijke mijlpaal voor het transitiepad mobiliteit is de start van de nul-emissiezone van de binnenstad per 1 januari 2025. Het toezicht met camerabewaking is half 2025 ingezet en overtreders krijgen een waarschuwing. Vanaf 2026 zullen overtreders een boete ontvangen. Ook het beleid ‘Voetganger op 1’ dat in 2025 is vastgesteld, zal een bijdrage leveren aan de vermindering van CO2-uitstoot doordat de stad aantrekkelijker wordt voor voetgangers. Verder is het verminderen van gebruik van fossiele brandstof bij maatschappelijk vervoer (leerlingen, Wmo) onderwerp van aanbestedingseisen. Voor de regiotaxi Haaglanden (doelgroepenvervoer) is inmiddels 98% van de ritten zonder uitstoot (waterstof of elektrisch). Het gemeentelijk wagenpark schakelt stapsgewijs over naar emissievrije varianten.

Transitiepad Energie-infrastructuur
Hoofdresultaat in 2025 voor de energie-infrastructuur is de aanleg van het warmtenet in Delft. De eerste levering van het warmtenet is gestart: de TU-gebouwen en enkele studentenwoningen in de TU-wijk. De geothermiebron leverde in 2025 nog net geen duurzame warmte, maar dat zal begin 2026 gerealiseerd worden. Eind 2025 was Netverder met 5 ploegen in Voorhof bezig met de aanleg van het warmtenet. Een bijzonder moment van de aanleg was de boring voor de leiding onder de Beatrixlaan. Dit technische hoogstandje, vanwege realisatie in hoog stedelijk gebied, kreeg in oktober behoorlijk wat landelijke aandacht.

De Wet Collectieve Warmte (WCW), is (na een intensief lobbytraject) in 2025 aangenomen door Tweede en Eerste Kamer. Hiermee zijn de randvoorwaarden voor oprichting van een publiek warmtebedrijf en de aanwijzing van een warmtekavel beschikbaar. De gemeente is in gesprek met de toekomstige publieke aandeelhouders over eventuele gemeentelijke deelname aan dit warmtebedrijf. Het opstellen van het warmteprogramma is gestart met participatie vanuit een meedenkgroep en een expertgroep (ketenpartners). In 2026 zal dit leiden tot het inzicht in welke wijken welke warmtetechniek toegepast gaat worden.

De eind 2024 afgekondigde netcongestie vroeg in 2025 veel inspanning. We hebben een impactanalyse netcongestie opgeleverd, waar keuzes gemaakt zijn in de volgorde van projecten waar de gemeente mee aan de slag is gegaan om innovatieve oplossingen voor de stroomvoorziening te vinden.

In het transitiepad energie-infrastructuur is de samenwerking met Delft-West en Innovatiedistrict het meest tastbaar: we starten een warmtenet voor corporatiewoningen in Delft-West waar kwetsbare Delftenaren als eerste een betaalbaar alternatieve warmtevoorziening krijgen. Daarbij worden de innovaties van de TU Delft / Innovatiedistrict ingezet: geothermie als warmtebron en een hoge temperatuuropslag in de zomer voor gebruik in de winter.

Besteding

Terug naar navigatie - 3. Energietransitie - Besteding

Dekking komt meerjarig vanuit het Rijk, dat gemeenten financiert voor uitvoering van het Klimaatakkoord. Daarnaast worden projecten op isoleren en energiearmoede voornamelijk gedekt vanuit rijksregelingen op deze thema’s. De gemeente probeert optimaal gebruik te maken van deze regelingen. Daardoor komt het voor dat gedurende een jaar extra middelen beschikbaar komen. 

Verantwoording middelen drie opgaven

Terug naar navigatie - 3. Energietransitie - Verantwoording middelen drie opgaven

De middelen voor de drie opgaven zijn verwerkt in verschillende programma’s. Financiële afwijkingen worden in die programma’s toegelicht. Specifiek voor Delft-West en IDD zijn ook middelen gereserveerd binnen de Algemene reserve. Voor Energietransitie zijn naast middelen uit diverse rijksregelingen ook middelen gereserveerd in diverse bestemmingsreserves (reserve Stad, reserve Energie in de wijken en reserve Beleid en Uitvoering). De gerealiseerde onttrekkingen aan de reserves in 2025 zijn toegelicht in programma Financiën.

Financieel resultaat 2025

Rekeningresultaat

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Rekeningresultaat

Het rekeningresultaat bestaat uit het saldo van baten en lasten (resultaat vóór bestemming) en het saldo van de reservemutaties. Het totaal vormt het resultaat ná bestemming. Deze opbouw is verplicht en volgt uit het Besluit Begroting en Verantwoording voor gemeenten (BBV).

Het verschil tussen het resultaat voor en na bestemming betreft de reservemutaties. Reservemutaties gaan over dekking van gerealiseerde uitgaven (onttrekkingen aan reserves) en over reserveringen voor toekomstige uitgaven (toevoegingen aan reserves).

Over 2025 is het gerealiseerde saldo van baten en lasten € 23,1 miljoen voordelig (resultaat voor bestemming). Het gerealiseerde saldo van de reservemutaties is € 17,7 miljoen nadelig. Het totale resultaat komt uit op € 5,4 miljoen positief (resultaat na bestemming). 

In onderstaande tabel is de realisatie voor het jaar 2024, de primaire begroting 2025 (Begroot vóór wijziging), de actuele begroting 2025 (Begroot na wijziging) en de realisatie 2025 opgenomen. De laatste kolom laat het verschil zien tussen de actuele begroting en de realisatie.

In het jaarverslag vergelijken we de actuele begroting (zie kolom Begroot na wijziging) met het werkelijke resultaat (zie kolom Realisatie 2025). De actuele begroting heeft de primaire begroting als vertrekpunt, aanvullend is rekening gehouden met de wijzigingen in de Kadernota 2026, de Najaarsrapportage 2025 en de circulaires over het gemeentefonds. 

De actuele begroting 2025 heeft een positief saldo van € 1,8 miljoen. Het gerealiseerde resultaat is € 5,4 miljoen. Het te verklaren verschil (afwijking) is € 3,6 miljoen.

Tabel Totaal

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Tabel Totaal
Totaal Bedragen x € 1.000
Realisatie 2024 Begroot vóór wijziging Begroot na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroot na wijziging / realisatie
Baten 524.126 499.845 556.745 551.684 -5.061
Lasten 494.420 500.707 546.094 528.552 17.542
Saldo van baten en lasten 29.706 -862 10.651 23.132 12.481
Onttrekkingen reserves 19.440 28.976 71.635 62.776 -8.859
Toevoegingen reserves 35.865 28.055 80.461 80.461 0
Saldo reservemutaties -16.425 922 -8.826 -17.685 -8.859
Resultaat 13.281 60 1.825 5.447 3.622

Opbouw rekeningresultaat

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Opbouw rekeningresultaat

Hierna volgt een toelichting op de opbouw van het rekeningresultaat 2025 en op de verschillen tussen begroting en realisatie.

Opbouw resultaat 2025
Het voordelige resultaat is in vijf stappen bereikt. Na vaststelling van de primaire begroting en de Najaarsrapportage 2024 heeft de gemeenteraad separate begrotingswijzigingen vastgesteld voor de September- en Decembercirculaire 2024 over de uitkeringen uit het gemeentefonds (stap 1). Daarna zijn wijzigingen vastgesteld bij de Kadernota 2026 (stap 2), de Najaarsrapportage 2025 (stap 3) en overige wijzigingen (MPG 2025, verbouwing theater Rietveld en Septembercirculaire 2025) (stap 4). Dit resulteert in het saldo van de begroting na wijziging. Ten slotte zijn in de Jaarstukken 2025 (stap 5) de mutaties verwerkt die het verschil bepalen tussen deze begroting na wijziging en de uiteindelijke realisatie 2025 (rekeningresultaat). Op dit resultaat is het voorstel tot bestemming van het resultaat van toepassing.

Opbouw rekeningresultaat Bedragen x € 1.000
Programmabegroting 2025-2028
Saldo Programmabegroting 2025-2028 60
Najaarsrapportage 2024 (17e begrotingswijziging 2024) 290
1. Gemeentefonds 2024
Septembercirculaire 2024 (19e begrotingswijziging 2024) 125
Decembercirculaire 2024 (6e begrotingswijziging 2025) 251
2. Kadernota 2026
I. Bouwstenen
- Moties en toezeggingen -160
- Opgaven -821
- Bestaand beleid (bestuurlijke accenten) -11.526
- Sociaal domein 1.179
II. Inzet maatregelen Handelingsperspectief
- Maatregel 1: besparing uitvoeringskosten 25
- Maatregel 3: Gemeentefonds (verrekening oude jaren) 1.250
- Inzet incidentele dekkingsmiddelen 7.650
III. Voorjaarsnota 2025 - Gemeentefonds
- Accres 2.322
- Jeugdzorg 1.900
- afrekening ruimte onder plafond BCF 2024 -722
Saldo Kadernota 2026 1.823
3. Najaarsrapportage 2025
Meicirculaire 2025 1.651
Actualisatie kapitaallasten -724
Mutaties Najaarsrapportage 2025 515
Saldo Najaarsrapportage 2025 3.265
4. Overig
MPG 2025 (7e begrotingswijziging 2025) 151
Verbouwing Rietveld (8e begrotingswijziging 2025) -1.859
Septembercirculaire 2025(15e begrotingswijziging 2025) 268
Begroot na wijziging 1.825
5. Jaarstukken 2025
Mutaties Jaarstukken 2025 3.622
Realisatie 2025 (rekeningresultaat) 5.447

Toelichting opbouw rekeningresultaat

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Toelichting opbouw rekeningresultaat

Uitgangspunt is de Programmabegroting 2025-2028 met structureel en reëel in evenwicht en de doorwerking van de Najaarsrapportage 2024.

Stap 1. Gemeentefonds 2024
Met aparte begrotingswijzigingen zijn de effecten van de September- en Decembercirculaire 2024 over het gemeentefonds toegevoegd. De financiële ruimte in de septembercirculaire is in 2025 gebruikt om de incidentele bijdrage uit de Algemene reserve te verlagen. Bij de decembercirculaire is een voordeel ontstaan door ophoging van het volumeaccres en door actualisering van de maatstaven (hoeveelheidsverschillen).

Stap 2. Kadernota 2026
De Kadernota 2026 gaat over de bijstelling van de Programmabegroting 2025-2028, nieuwe beleidsvoornemens en over de uitgangpunten voor de Programmabegroting 2026–2029. Dit gebeurt aan de hand van bouwstenen: moties en toezeggingen, opgaven, bestaand beleid (bestuurlijke accenten) en sociaal domein. Tevens zijn de maatregelen uit het Handelingsperspectief 2026 e.v. verwerkt (met name besparing uitvoeringskosten, realistisch ramen en ophoging inkomsten uit het gemeentefonds) en is rekening gehouden met de Voorjaarsnota 2025 van het Rijk.

Stap 3. Najaarsrapportage 2025
In de najaarsrapportage is de Meicirculaire 2025 (gemeentefonds) verwerkt, de actualisering van de grondexploitaties (T-MPG) en de prognoses van voordelen (parkeeropbrengsten, vrijval voorziening omgevingsvergunningen, vrijval stelpost areaaluitbreiding, doorlopende lijn zorg en onderwijs, OZB) en nadelen (wethouderspensioenen, sanering sportpark Tanthof, afboeken stelposten, overhead, kapitaallasten) in de exploitatie.

Stap 4. Overig
Met een aparte begrotingswijziging zijn de financiële consequenties van de verbouwing van het Rietveld verwerkt. Hierbij is de ophoging van de investering deels gedekt uit de reservering in de Algemene reserve en deels ten laste gebracht van de algemene middelen. 
Tegelijk met de Jaarstukken 2024 is ook de begrotingswijziging als gevolg van de actualisatie van het Meerjarenprogramma Grondontwikkeling (MPG) 2025-2028 vastgesteld.
Na de Najaarsrapportage 2025 is met een separate begrotingswijziging het effect van de Septembercirculaire 2025 vastgesteld. Tegenover het voordeel in de circulaire (BCF, maatstaven, extra middelen Jeugd, verrekening oude jaren) zijn stelposten afgeraamd (BCF, verrekening oude jaren), middelen gereserveerd (extra middelen Jeugd) en is de ruimte opnieuw gebruikt om de incidentele bijdrage uit de Algemene reserve te verlagen.

Stap 5. Jaarstukken 2025
In vergelijking met de begroting na wijziging laten de jaarstukken aanvullend een voordeel zien van € 3,6 miljoen. Dit voordeel is opgebouwd uit lagere baten (€ 4,5 miljoen), lagere lasten (€ 17,0 miljoen) en, daarmee samenhangend, lagere onttrekkingen aan bestemmingsreserves (€ 8,9 miljoen).

Het verschil van € 3,6 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door zaken die we veelal niet direct konden voorzien en zijn ontstaan na de reguliere bijstellingsmomenten of waarvan de omvang op die momenten nog niet reëel kon worden geraamd. Het resultaat wordt veroorzaakt door diverse incidentele voor- en nadelen. Op hoofdlijnen wordt het saldo verklaard door de volgende oorzaken: 

  1. Jeugd € 2,8 miljoen (voordeel)
    In de begroting voor 2025 is rekening gehouden met indexering, volumegroei en groei van de intensiteit van de zorg (verwachte trend). Deze groei heeft zich in 2025 niet voorgedaan, en we zien een lichte daling in het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van jeugdhulp. De totale jeugdzorgkosten 2025 liggen in de lijn met de gemaakte jeugdzorgkosten 2024.

  2. Inkomensregelingen € 1,9 miljoen (voordeel)
    Binnen de inkomensregelingen is sprake van diverse incidentele voordelen. De actualisatie van de voorziening Dubieuze debiteuren leidt tot een voordeel van € 670.000. Daarnaast heeft ook een vrijval van een balanspost plaatsgevonden ter grootte van € 760.000, waarbij de nog te verwachten betaling over eerdere jaren nu vrijvalt. De afrekening over 2024 vanuit het Rijk voor de KOTA (toeslagenaffaire) valt € 200.000 positiever uit dan geraamd.
    Op het gebied van armoedebestrijding is een incidenteel voordeel van € 275.000 gerealiseerd, deels doordat vanuit het Rijk meer geld beschikbaar is gesteld voor compensatie van de alleenverdienersproblematiek (voordeel van € 117.000) en deels doordat per saldo iets minder gebruik is gemaakt van de verschillende regelingen.

  3. Wmo inclusief Beschermd wonen € 1,3 miljoen (voordeel)
    De kosten voor de Wmo zijn grotendeels in lijn met de begroting. Hierop zijn twee afwijkingen: op de post hulpmiddelen is het positieve resultaat € 270.000. Dit komt voor € 225.000 door een onderschrijding van de woningaanpassingen. Dit betreft kosten voor voorzieningen van zeer uiteenlopende aard: van eenvoudig en goedkoop tot groot en duur. Mede vanwege het open-einde-karakter hiervan blijft prognosticeren een uitdaging. 
    Ook voor Beschermd wonen is sprake van een onderschrijding van € 660.000. Delft is voordeelgemeente in het huidige verdeelmodel, waarbij besloten is om de Rijksbijdrage te begroten. Het nieuwe verdeelmodel, dat waarschijnlijk minder gunstig zal uitpakken, laat nog op zich wachten. Voorgesteld wordt om, conform regio-afspraken, het overschot toe te voegen aan de reserve MO/BW/Begeleiding.

  4. Informatievoorziening en informatiebeveiliging € 1,2 miljoen (voordeel)
    Door diverse oorzaken konden verbeteringen en ontwikkelingen binnen de oorspronkelijke planning van Informatievoorziening niet volledig worden uitgevoerd. Hierdoor is op dit onderdeel sprake van een onderschrijding van circa € 1,0 miljoen. Daarnaast is op
    het onderdeel informatiebeveiliging sprake van een voordeel van € 245.000. Dit wordt voor een belangrijk deel verklaard vertraging in de werkzaamheden waardoor het tijdelijk budget voor de analyse van de gevolgen van de invoering van NIS2 grotendeels niet is uitgegeven. 

  5. OZB niet-woningen en overige belastingen € 1,0 miljoen (voordeel)
    De opbrengst OZB niet-woningen is hoger dan begroot. Door een verbeterde bestandskoppeling kan de Regionale Belasting Groep (RBG) leegstand efficiënter beoordelen. Hierdoor zijn meer aanslagen verstuurd dan geraamd. Daarnaast is na de herwaardering gebleken dat het stijgingspercentage hoger was dan bij de afgegeven ramingen (oktober 2024). Ook is geen rekening meer gehouden met een mogelijk lagere opbrengst als gevolg van de uitkomst van een lopende bezwaarprocedure tegen de WOZ-waarde. 
    Bij de precariobelasting is sprake van hogere baten die betrekking hebben op aanslagen over eerdere jaren.

  6. Gedeeltelijke vrijval balanspost Spoorzone € 0,9 miljoen (voordeel)
    In 2017 zijn afspraken gemaakt over de uitvoering van een aantal maatregelen. Hiervoor heeft de gemeente middelen gereserveerd. Een aantal maatregelen is hiervan uitgevoerd, maar de lasten hiervan zijn tot op heden nog niet afgeboekt van deze middelen. Voor een deel van het resterende bedrag moeten nog concrete afspraken gemaakt worden met de NS, hiervoor is een voorziening gevormd (€ 1,5 miljoen). Het resterende deel van de verplichting ter hoogte van € 900.000 kan BBV-technisch gezien niet worden aangehouden in deze voorziening en valt nu vrij in het saldo, maar blijft via een afrekenvoorstel beschikbaar voor het realiseren van fietsparkeerplekken bij station Delft Campus.

  7. Opvang Oekraïne € 0,8 miljoen (voordeel)
    De rijksbijdrage voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne is net als voorgaande jaren hoger dan de kosten die de gemeente heeft gemaakt. 

  8. Bijdrage Veiligheidsregio € 0,7 miljoen (voordeel)
    Door een lagere realisatie op de regeling voor functioneel leeftijdsontslag (FLO) en een positief resultaat van de veiligheidsregio Haaglanden is een deel van de bijdrage terugontvangen. 

  9. Lagere onttrekking Algemene reserve t.b.v. begrotingssaldo € 7,0 miljoen (nadeel)
    In de (gewijzigde) begroting is rekening gehouden met een onttrekking aan de Algemene reserve van € 7,0 miljoen ter dekking van het begrotingssaldo. Gelet op het resultaat is deze onttrekking achterwege gebleven.

  10. Storting voorziening spaarverlof / bovenwettelijk verlof € 1,3 miljoen (nadeel)
    Op basis van de laatste inzichten is een aanvullende dotatie aan de voorziening spaarverlof/bovenwettelijk verlof nodig, om te zorgen dat de voorziening toereikend is.

  11. Openbaar groen € 1,2 miljoen (nadeel)
    Het nadeel op openbaar groen wordt onder ander veroorzaakt door stormschades, meer iepziekte en meer inzet op het vergroenen van de openbare ruimte. In de Delftse Hout is een inhaalslag gemaakt in het onderhoud, hiervoor is een deel-subsidie van de provincie Zuid-Holland ontvangen. Door de algemene stijging van arbeid, bouw en transportkosten zijn de kosten voor onderhoud hoger uitgevallen dan begroot.

  12. Storting voorziening pensioenen (voormalig) wethouders € 1,1 miljoen (nadeel)
    Op basis van uitspraken van de Commissie BBV moet de gemeente een voorziening op basis van grondslagen voor individuele waardeoverdrachten én aanvullend een voorziening voor het Appa-fonds aanhouden. Dit leidt tot een aanvullende dotatie aan de voorziening wethouderspensioenen voor de dekking van de pensioenaanspraken van huidige en voormalige bestuurders.

  13. Overige voor- en nadelen (gesaldeerd) € 3,6 miljoen (voordeel)
    Het totaal aan overige voor- en nadelen telt op tot € 3,6 miljoen. Hieronder vallen o.a. kleinere voordelen met betrekking tot opbrengsten parkeerbelasting, grondexploitaties, omgevingsvergunningen, erfgoed en Wsw.

Verschillen begroting en realisatie

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Verschillen begroting en realisatie

De afwijking ten opzichte van de gewijzigde begroting is bij de baten 0,8% en bij de lasten 3,1%. Bij de programma's is toegelicht dat de verschillen in hoofdzaak incidenteel zijn en diverse oorzaken (exogeen, endogeen) kennen. Het voordelige resultaat na bestemming is vrijwel volledig te danken aan incidentele mutaties. Hiermee is opnieuw het patroon zichtbaar van incidentele overschotten die zich jaarlijks voordoen.

De toelichting op de begrotingsrechtmatigheid is opgenomen bij het onderdeel Rechtmatigheid. De verschillen tussen de begroting en de realisatie omvatten afwijkingen bij de lasten, baten en reservemutaties (stortingen en onttrekkingen). De majeure afwijkingen (> € 200.000) zijn toegelicht in de programmaverantwoording.

De volgende tabel geeft per begrotingsprogramma een beeld van de afwijkingen tussen de gewijzigde begroting (raming) en de realisatie.

Verschillen tussen begroting en realisatie Rechtmatig Afwijking totaal Afwijking lasten Afwijking baten
Raad ja 92 92 -
Stad en Bestuur ja 460 349 111
Duurzame stad ja -531 -4.494 3.963
Bereikbare stad ja -131 432 -563
Goed wonen ja -1.781 -8.175 6.393
Schone en veilige stad ja 110 2.713 -2.603
Gezonde en sociale stad ja -4.272 -3.855 -417
Samenleven,onderwijs en cultuur ja -850 861 -1.711
Werk en inkomen ja -2.918 -2.743 -175
Economie en Vastgoed ja -252 512 -763
Overhead ja -706 -1.308 602
Financien ja -1.703 -1.927 224
Reservemutaties
Onttrekkingen reserves ja 8.859 8.859
Toevoegingen reserves ja - -
Totaal -3.622 -17.542 13.920

Voorstel tot bestemming van het resultaat

Terug naar navigatie - Financieel resultaat 2025 - Voorstel tot bestemming van het resultaat

Voor het positieve resultaat is een voorstel tot besteding opgenomen. Dit zijn voorstellen voor afrekening met (bestemmings)reserves (stortingen en onttrekkingen) en een reservering voor de Delftse Rekenkamer (DRK). Na het bestedingsvoorstel blijft een saldo over van € 2,0 miljoen dat vrij besteedbaar is. Voorstel is om dit toe te voegen aan de Algemene reserve. 

Voorstel tot bestemming van het resultaat 5.447
Afrekening (bestemmings)reserves -3.450
Overige voorstellen -4
Mutatie Algemene reserve 1.993

In de Financiële verordening is opgenomen dat voorstellen waaronder dotaties aan reserves of afrekening met het rekeningresultaat worden toegelicht in de jaarstukken en getoetst aan de volgende criteria:

  1. beleidsinhoudelijke noodzaak;
  2. inbedding in de werkplanning van het nieuwe jaar;
  3. het voorstel heeft betrekking op incidentele budgetten;
  4. het minimumbedrag bedraagt € 100.000 per post en is gebaseerd op een concreet bestedingsvoorstel. Zo nodig kan gemotiveerd worden afgeweken van het minimumbedrag;
  5. het begrotingssaldo van het betreffende programma mag niet worden overschreden, behalve in situaties waarbij aantoonbare exogene factoren het begrotingsresultaat negatief hebben beïnvloed.

Bij de voorstellen voor afrekening met (bestemmings-)reserves is sprake van reserveringen voor nog te maken kosten in 2026 (stortingen). In onderstaande tabel zijn de voorstellen weergegeven inclusief de toetsing aan de criteria van de Financiële verordening. Afwijkingen lichten we toe. Een nadere toelichting op de bestemmingsvoorstellen staat in de programmaverantwoording.
De stortingen in de bestemmingsreserves hebben een negatief effect op het weerstandsvermogen.

Voorstellen tot afrekening van het jaarrekening resultaat Bedragen x € 1.000
Storting / Lasten Onttrekking / Baten Effect op weerstands-vermogen 1 2 3 4 5
Afrekening met (bestemmings)reserves 3.450 0 -3.450
Stad en bestuur
- Algemene Reserve - Bevordering opkomst verkiezingen 40 0 -40 ja ja ja nee ja
Goed wonen
- Reserve Beleid en Uitvoering - Incidenteel budget voor project Lau Mazirel fase 2 118 0 -118 ja ja ja ja ja
- Reserve Beleid en Uitvoering - Fietsparkeren Delft Campus 900 0 -900 ja ja ja ja ja
Gezonde en sociale stad
- Reserve MO/BW - Resultaat Beschermd wonen 660 0 -660 ja ja ja ja ja
Samenleven, onderwijs en cultuur
- Reserve Beleid en Uitvoering - Onderzoeksbudget zwembad Kerkpolder 100 0 -100 ja ja ja ja ja
- Reserve VAK - Geluidsoverlast OPEN 117 0 -117 ja ja ja ja ja
Werk en inkomen
- Reserve Beleid en Uitvoering - Opvang Oekraïne 791 0 -791 ja ja ja ja ja
- Reserve Werkse! - Resultaat 2025 599 0 -599 ja ja ja ja ja
Overhead ja ja ja ja ja
- Algemene Reserve - Informatiebeveiliging 125 0 -125 ja ja ja ja ja
Overige voorstellen 4 0 -4
Raad
- Algemene reserve - Delftse Rekenkamer (DRK), overheveling restantbudget DRK naar 2026 o.b.v. art. 6 lid 2 Verordening DRK 4 0 -4 n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Totaal 3.454 0 -3.454

Het voorstel voor budgetoverheveling (€ 40.000) voor opkomstbevordering van verkiezingen voldoet weliswaar niet aan het 4e criterium, maar het betreft hier het volledige budget en de uitvoering van een motie. Hiermee is in dit geval voldoende reden om af te wijken van het minimumbedrag.

Financiële positie

Overzicht financiële positie

Terug naar navigatie - Financiële positie - Overzicht financiële positie

De financiële positie op basis van de Jaarstukken 2025 wordt in hoofdzaak bepaald door het rekeningresultaat, het weerstandsvermogen, de stadsschuld en de hoogte van de woonlasten. Deze onderdelen beïnvloeden de wendbaarheid en weerbaarheid van de begroting en balans en bepalen daarmee de financiële gezondheid van de gemeente Delft. 

Het rekeningresultaat is € 5,4 miljoen en wordt, na verwerking van het voorstel voor bestemming van het resultaat, toegevoegd aan de Algemene reserve (eigen vermogen). Mede door dit positieve resultaat is de jaarrekening structureel in evenwicht en verbetert de wendbaarheid en weerbaarheid: structurele lasten zijn gedekt door structurele baten, de weerstandscapaciteit en de liquiditeit nemen toe. Voor de toekomstige financierbaarheid van nieuwe investeringen is dit gunstig. Dit beeld wordt bevestigd door de positieve scores van financiële kengetallen structurele exploitatieruimte (2,4%) en solvabiliteit (41,9%). 

Ten opzichte van de totale omvang van de begroting is het rekeningresultaat beperkt in omvang. De afwijking bij de baten is 0,8% en bij de lasten 3,1%. Gegeven de veelheid en diversiteit van de gemeentelijke inkomsten en uitgaven en de exogene, vaak niet te beïnvloeden factoren die hierop van invloed zijn, kan gesteld worden dat de ramingen van lasten, baten en reservemutaties in de begroting realistisch zijn en dat de voorspellende waarde van de begroting (inclusief wijzigingen) voldoende is. 

De belangrijkste afwijkingen die het resultaat veroorzaken zijn hiervoor in Financieel resultaat 2025 reeds toegelicht en hebben net als in de afgelopen jaren overwegend een incidenteel karakter. Hiermee is opnieuw het patroon zichtbaar van incidentele overschotten die zich jaarlijks voordoen. 

Bij de uitvoering van het investeringsprogramma is de realisatie van de geplande investeringen 61%. Deze afwijking tussen de geraamde investeringsbedragen en de daadwerkelijke realisatie wordt verklaard door planningsoptimisme en diverse (externe) factoren zoals de beschikbaarheid van aannemers, beschikbaarheid van materieel, juridische procedures en ambtelijke capaciteit. Omdat dit beeld al jaren de praktijk is, is hier in de primaire begroting op geanticipeerd door een stelpost voor de lagere kapitaallasten die het gevolg zijn van de onderschrijdingen. En ook bij het bepalen van de financieringsbehoefte is uitgegaan van een realistisch investeringsvolume. Op termijn moet op basis van het totale investeringsprogramma rekening worden gehouden met een stijging van de kapitaallasten (afschrijving en rente) die de wendbaarheid van de begroting beperkt. 

Het weerstandsvermogen laat zien hoe weerbaar de gemeente is door de aanwezigheid van financiële buffers waarmee eventuele tegenvallers kunnen worden opgevangen. De beschikbare weerstandscapaciteit wordt bepaald door het vrij aanwendbare deel van de Algemene reserve en bedraagt € 86 miljoen. Een indicatie voor de benodigde omvang van de buffers is het risicoprofiel van de gemeente dat in deze jaarstukken is gestegen naar € 46,4 miljoen (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing). Daarmee is de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit positief (weerstandsratio: 1,9). Volgens het toezichtskader van de provincie is deze score ruim voldoende (bron: Gemeenschappelijk toezichtskader 2020).

Het totale eigen vermogen van de gemeenten bestaat uit de Algemene reserve en de bestemmingsreserves en is ultimo 2025 ruim € 334 miljoen. Na aftrek van de benodigde weerstandscapaciteit voor het risicoprofiel bieden het vrij aanwendbare deel van de Algemene reserve en de bestemmingsreserves extra dekkingsmogelijkheden. In Delft is hiermee rekening gehouden door financiële ruimte aan te houden als incidentele dekking voor de opgaven en voor de groei van de stad. Hiermee is financiële dekking beschikbaar voor cofinanciering, Delft-West, IDD, Museum Prinsenhof, Gelatinebrug en investeringen uit de Strategische Investeringsagenda (SIA). Voor de bestemmingsreserves is in principe al een concrete besteding vastgesteld door de raad, bijvoorbeeld uitvoering van projecten en opgaven, dekking van kapitaallasten van investeringen en uitgestelde uitgaven. Een andere bestemming van deze financiële ruimte vergt een raadsbesluit.
Een kanttekening bij het eigen vermogen is dat het geen liquide middelen zijn die op een spaarrekening staan. Voor zover de reserves niet als liquide middelen beschikbaar zijn, vergt de inzet van reserves als dekkingsmiddel het aantrekken van leningen. Dit beperkt de weerbaarheid (daling weerstandsvermogen) en de wendbaarheid (stijging afschrijvingslasten en rentekosten). 

De stadsschuld beïnvloedt de weerbaarheid omdat een grote schuld leidt tot hogere uitgaven voor rente en aflossing van leningen. Deze uitgaven liggen vast en beperken de flexibiliteit van de begroting. Voor Delft is de totale schuld € 426 miljoen. Hiermee is de de schuld relatief laag en is er ruimte voor extra financiering van toekomstige investeringen door middel van leningen.

Op de balans is ook nog sprake van een aanzienlijk volume aan liquide middelen, met name dankzij de rijkssubsidies voor o.a. woningbouw en infrastructuur die de afgelopen jaren zijn ontvangen maar nog niet tot besteding zijn gekomen. Dankzij deze middelen is in de komende jaren het aantrekken van nieuwe leningen niet benodigd en zal de schuld houdbaar blijven. Dit wordt bevestigd door de scores van financiële kengetallen Netto schuldquote (31,4%) en Gecorrigeerde netto schuldquote (18,1%) die als minst risicovol worden gekwalificeerd volgens het toezichtskader van de provincie. Op termijn moet wel rekening worden gehouden met de impact van de Strategische Investeringsagenda (SIA) 2030-2040 op de financieringsbehoefte. 

De woonlasten gaan over de hoogte van de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing en zijn in Delft in vergelijking met het landelijk gemiddelde hoog. Dit komt mede door extra verhogingen van de OZB in 2023 (+6%) en 2025 (+7%), die noodzakelijk waren omdat het Rijk geen reële compensatie biedt voor taken en voorzieningen waarvoor de gemeenten verantwoordelijk zijn. De relatieve hoogte van de woonlasten beperkt de wendbaarheid van de begroting omdat de ruimte voor extra belastingverhogingen beperkt is. Dit wordt zichtbaar in het financiële kengetal Belastingcapaciteit (score: 113,9%) dat als meest risicovol worden gekwalificeerd volgens het toezichtskader van de provincie. Omdat Delft de woonlasten in 2026 niet verder heeft verhoogd en veel andere gemeenten dit wel hebben moeten doen, is de verwachting dat op korte termijn de belastingcapaciteit van Delft gaat verbeteren.

Conclusie 
Het rekeningresultaat, het weerstandsvermogen en de stadsschuld dragen bij aan de financiële gezondheid van de gemeente Delft. Dit geldt in mindere mate voor de belastingcapaciteit ('ruimte voor belastingverhogingen') die nu relatief laag is, maar de komende jaren waarschijnlijk gaan stijgen. De wendbaarheid en de weerbaarheid van de begroting en balans bieden een solide basis om ook de komende jaren uitvoering te geven aan onze opgaven en de noodzakelijke investeringen in de groei van de stad. 
In het coalitieakkoord 'Aan de slag' van het kabinet-Jetten staan weinig concrete voorstellen voor structurele verbetering van de bekostiging van taken waarvoor de gemeenten verantwoordelijk zijn. De uitdaging voor de komende jaren is om een balans te vinden tussen kostenbeheersing en een voorzieningenniveau dat past bij de ambities en groei van Delft. Dit kan door te blijven sturen op realistische ramingen van lasten, baten en reservemutaties (uitvoerbaarheid), zorg te dragen voor voldoende financiële ruimte in de begroting (betaalbaarheid) en door de financiële kengetallen te monitoren en zo nodig bij te sturen (financierbaarheid). 

Investeringen

Investeringsplan

Terug naar navigatie - Investeringen - Investeringsplan

Het investeringsprogramma bestaat uit drie onderdelen:

  • investeringsplan
  • investeringsplan - bedrijfsmiddelen
  • investeringsagenda

De in uitvoering genomen investeringen zijn opgenomen in het investeringsplan. Op de investeringsagenda staan de voornemens tot investeren voor de komende periode. Na goedkeuring van een uitvoeringsplan gaan investeringen over van de investeringsagenda naar het investeringsplan.

Investeringsplan

Terug naar navigatie - Investeringen - Investeringsplan
Investeringsplan
Bedragen x € 1.000 Toegekend bedrag Realisatie t/m 2024 Beschikbaar vanaf 1-1-2025 Begroot 2025 Realisatie 2025
Duurzame stad 4.610 1.507 3.103 876 320
Bereikbare stad 26.134 5.771 20.363 3.063 3.336
Goed wonen 4.760 98 4.662 4.400 285
Schone en veilige stad 149.368 60.095 89.273 20.423 13.405
Samenleven, onderwijs en cultuur 320.073 23.524 296.549 40.723 27.288
Economie en vastgoed 13.232 134 13.098 4.810 654
Totaal investeringen investeringsplan 518.177 91.129 427.048 74.295 45.288

Investeringsplan

Terug naar navigatie - Investeringen - Investeringsplan

In het investeringsplan was voor 2025, inclusief verrekening van bijdragen derden, € 74,3 miljoen begroot aan investeringen. Hiervan is € 45,3 miljoen gerealiseerd (61 %). In de programmaverantwoording zijn toelichtingen en gespecificeerde overzichten opgenomen van de investeringen.

De over 2025 gereserveerde investeringsbudgetten die niet conform planning zijn uitgenut worden geherfaseerd, met uitzondering van de afgesloten kredieten.

Investeringsplan Bedrijfsmiddelen

Terug naar navigatie - Investeringen - Investeringsplan Bedrijfsmiddelen
Bedrijfsmiddelen
Bedragen x € 1.000 Toegekend bedrag Realisatie t/m 2024 Beschikbaar vanaf 1-1-2025 Begroot 2025 Realisatie 2025
Stad en bestuur 1.001 61 940 201 118
Bereikbare stad 500 - 500 150 25
Schone en veilige stad 1.712 - 1.712 828 163
Overhead 18.131 5.657 12.474 1.344 1.185
Totaal investeringen bedrijfsmiddelen 21.344 5.718 15.626 2.523 1.491

Bedrijfsmiddelen

Terug naar navigatie - Investeringen - Bedrijfsmiddelen

Onder bedrijfsmiddelen wordt met name verstaan tractiemiddelen, aanschaf meubilair en werkplekvoorzieningen.

De raming 2025 van de investeringen in bedrijfsmiddelen was circa € 2,5 miljoen. De realisatie is circa € 1,5 miljoen (59%).

De afwijkingen zijn toegelicht in de betreffende programmaverantwoording.

Samenstelling van het bestuur

College

Terug naar navigatie - Samenstelling van het bestuur - College

Het college bestaat uit de burgemeester en vijf wethouders. Het college is er voor het dagelijks bestuur van de gemeente Delft. Alexander Pechtold is met ingang van 4 september Marja van Bijsterveldt opgevolgd als burgemeester van Delft. De burgemeester is de voorzitter van het college van burgemeester en wethouders (B&W) en wordt elke zes jaar (her)benoemd. De gemeentesecretaris van Delft is Martien van der Kraan. Hij is de eerste beleidsadviseur van het college van burgemeester en wethouders en algemeen directeur van de organisatie.

Burgemeester en wethouders Naam Portefeuille
Burgemeester (t/m 2 september 2025) J.M. van Bijsterveldt Veiligheid / Regio
Burgemeester (vanaf 4 september 2025) A. Pechtold Veiligheid / Regio
Wethouder (1e loco-burgemeester) A.M. Zwart Duurzaamheid / Werk en inkomen / Economie
Wethouder (2e loco-burgemeester) M.A. Huijsmans Financiën / Ruimtelijke ordening / Mobiliteit
Wethouder (3e loco-burgemeester) F.W.J. van Vliet Klimaat / Cultuur / Openbare Ruimte
Wethouder (4e loco-burgemeester) K. Schrederhof Wonen / Zorg / Onderwijshuisvesting en Sport
Wethouder (5e loco-burgemeester) J.K. Gooijer Jeugd & Onderwijs / Ouderen / Armoede
Gemeentesecretaris M. van der Kraan  

De nevenfuncties van de collegeleden zijn opgenomen op de website: www.delft.nl/college 

De gemeenteraad van Delft bestaat uit 39 raadsleden en kent de onderstaande zetelverdeling.

Zetelverdeling gemeenteraad van Delft
STIP 6 SP 2
D66 6 CDA 2
Groen Links 6 Onafhankelijk Delft 2
Hart voor Delft 5 Christenunie 2
VVD 3 Volt 2
PvdA 3    

De raad wordt bijgestaan door de raadsgriffier, Jeroen Mimpen.
 

Overzicht aanbevelingen Delftse Rekenkamer

Excel-tabel

Opvolging aanbevelingen

Terug naar navigatie - Overzicht aanbevelingen Delftse Rekenkamer - Opvolging aanbevelingen
Jaartal Rapport Delftse Rekenkamer Aanbevelingen Delftse Rekenkamer Reactie college in bestuurlijk wederhoor Opvolging door raad vastgestelde aanbevelingen Afgedaan
2025 Toegankelijkheid van online melden en aanvragen bij de gemeente Delft. Rekenkamerbrief. Aangeboden aan de raad op 3-6-2025, zaaknr. 2530415 1. Benut de lessen van de klantreizen en -onderzoeken U constateert dat de verbeterpunten uit onze klantreizen nog niet voldoende worden benut. Wij herkennen dit, waarbij wel de kanttekening past dat er soms voor een verbetering capaciteit en middelen nodig zijn, waarbij een afweging moet worden gemaakt ten opzichte van andere, ook voor inwoners, belangrijke zaken. De aanbeveling om het verbeterproces beter te beheersen, nemen wij ter harte. Geen raadsbesluit over rekenkamerbrief genomen. ja
2. Bewaak de afgesproken waarden, ook wanneer de gemeente diensten uitbesteedt De afspraken die u aanbeveelt, zijn reeds gemaakt
3. Sluit zoveel mogelijk aan bij de leefwereld van mensen Wij vinden de toegankelijkheid van de dienstverlening uiteraard belangrijk, zowel online als offline. Vorig jaar heeft de gemeente een informatiebalie geopend naar aanleiding van een klantreis. Inwoners kunnen hier zonder afspraak terecht met vragen over gemeentelijke dienstverlening. Bijvoorbeeld als mensen niet weten waar ze met hun vraag terecht kunnen, vastlopen bij het zoeken naar informatie of moeite hebben met lezen, schrijven, bellen of digitaal contact. Iedereen is welkom, met elke vraag.
4. Ga aan de slag met de (kleine) verbeterpunten De kleine/technische verbeterpunten nemen wij mee ten behoeve van de optimalisering van de meld- en aanvraagprocessen.
Benut jaarstukken beter. Aangeboden aan de raad 16 mei 2025, zaaknr. 2521259 Geen aanbevelingen voor het college College betrekt suggesties ten behoeve van nog inzichtelijker maken jaarstukken bij de verdere ontwikkeling van de jaarstukken. nvt ja
Plannen, controleren, leren, onderzoek naar de P&C-cyclus; Aangeboden aan de raad 17 januari 2025, zaaknr. 2503027 Voor raad: Aanbeveling 1: Kijk meer terug, ook om beter vooruit te kunnen kijken De hierin aan het college gerichte component, om uitkomsten van onderzoeken en evaluaties die de gemeente zelf uitvoert een prominenter onderdeel te maken van de begrotingscyclus, zullen we implementeren. nvt ja
Voor raad aanbeveling 2: Maak ook goed gebruik van informele instrumenten Deze aanbeveling is gericht aan de raad. Voor een juiste weging van de onderliggende bevindingen geven we u in aanvulling op de ambtelijke wederhoor mee dat het geschetste beeld niet wordt herkend. Bijvoorbeeld: “dat het – informele en laagdrempelige wijze - goede gesprek minder wordt gevoerd” en verderop: “de tafeltjesavonden in mindere mate worden bezocht”.
2024 Plek voor cultuur - Rekenkamerbrief voor cultureel Vastgoed in Delft. Aangeboden aan de raad 5 november 2024, zaaknummer 2445603 Geen aanbevelingen voor het college, maar aandachtspunten voor de raad. Geen wederhoor college In het IHP Cultuur is zoveel mogelijk rekening gehouden met de aanbevelingen, die door de Delftse Rekenkamer (DRK) in de brief ‘Plek voor cultuur’ over cultureel vastgoed in Delft zijn gedaan. ja
Duurzame participatie - onderzoek naar de energietransitie in de gemeente Delft. Aangeboden aan de raad 11 juli 2024, zaaknr. 2428413 Aanbeveling 1 (Participatie), aan de raad: Ontwikkel als raad een gemeentebrede aanpak voor participatie, waarmee elke keer heldere uitgangspunten kunnen worden meegegeven aan het college. Het college geeft graag mee dat er een gemeentebrede aanpak ligt met de nota ‘Participatie in Delft’ is en de verordening ‘Participatie en uitdaagrecht Delft’. De aanbeveling om een lerende aanpak te borgen onderschrijft het college. In dat kader meldt het college dat zij het participatiebeleid evalueert en naar verwachting in Q4 de evaluatie kan delen met de raad. Daarnaast loopt het uitvoeringsplan 'Samen maken we de stad' met vier lijnen: • We staan in contact met 'alle' Delftenaren • We geven initiatieven uit de stad meer ruimte (vanuit het besef dat niet alles kan) • We betrekken bewoners intensief en tijdig bij de energietransitie en fysieke plannen in de wijk • We willen de verbinding tussen student en stad vergroten. Brief college 'opvolging aanbevelingen rekenkamer' op 14 oktober 2025 aan raad gestuurd, zaaknr. 2543669. ja
Op 20 maart 2025 heeft het college een besluit genomen over het vervolg van de warmte-uitvoeringsplannen, en de aanpak die het college daarbij voorstaat. Dit besluit en de daarin vervatte aanpak is met de commissie R&V besproken in de commissievergadering van 3 juni jl. en de daaropvolgende raadsvergadering van 19 juni. Wat het college betreft is het van belang om voor ogen te houden dat buurten en wijken op diverse manieren van elkaar verschillen: bijvoorbeeld in soorten woningen (voornamelijk appartementen of juist grondgebonden woningen bijvoorbeeld), in meer of mindere mate vóórkomen van energiearmoede, in sterke of juiste zwakke mate van sociale organisatie of de mate waarin er corporatiebezit is. De kenmerken van de buurt zelf bepalen dan ook in hoge mate de participatie-aanpak.
Aanbeveling 2 (Participatie), aan raad en het college: Maak als raad en college in 2024 afspraken over de rol van de raad bij participatie én de ruimte voor inwoners. Het college herkent dat hierover heldere afspraken nodig zijn. Het is zinvol om deze afspraken expliciet met elkaar te maken. Het college herkent ook het tweede deel van de aanbeveling: dat inwoners de juiste verwachtingen moeten meekrijgen bij participatie. Echter, een gesprek tussen college en raad vindt het college hier niet de juiste methodiek voor. Verwachtingsmanagement dient plaats te vinden tijdens de gesprekken met inwoners. Dit is een onderdeel van het vak van de Delftse ambtenaren. Het college herkent niet dat er in de energietransitie op grote schaal verkeerde verwachtingen bij inwoners zijn gewekt. Dat laat onverlet dat verwachtingsmanagement altijd aandacht behoeft bij participatie. In de bestuurlijke reactie heeft het college aangegeven heldere afspraken over de rol van de raad bij participatie zinvol te vinden. Een voorbeeld daarvan is de uitgangspuntennotitie voor het Warmteprogramma, die tijdens de raadsvergadering van 25 september jl. is besproken, waarin ook de participatiebenadering is opgenomen. In de bestuurlijke reactie heeft het college ook aangegeven dat verwachtingsmanagement over de ruimte die inwoners hebben, dient plaats te vinden in het gesprek met inwoners. Deze ruimte voor inwoners wordt actief aan de orde gesteld bij alle participatietrajecten. ja
Aanbeveling 3 (Participatie), aan het college: Verantwoord bij participatietrajecten expliciet hoe informatie tot stand komt en hoe de inbreng van participanten heeft doorgewerkt. Het college neemt deze aanbeveling over. Herkenbaar is dat de keuze voor de eerste wijk niet voldoende inzichtelijk was voor sommige inwoners. Een nieuw inzicht is dat door participanten bij het opstellen van het Warmteplan de terugkoppeling als onvoldoende werd ervaren. Het college zal bekijken hoe zij de kwaliteit van de terugkoppeling kan verbeteren. Wel is het college van mening dat het proces goed was opgezet. Participanten ontvingen terugkoppeling op hun input bij het vaststellen van de notulen van voorgaande participatiebijeenkomsten. Daarnaast is het Warmteplan ter inzage gelegd en hier is een nota van beantwoording voor opgesteld en vastgesteld door de raad. Het college geeft op dit moment inderdaad meer aandacht aan (de wijze van) terugkoppeling. Als voorbeeld kan dienen het WUP Multatulibuurt, dat op 18 februari van dit jaar is vastgesteld en in de commissievergadering van 3 juni en de raadsvergadering van 19 juni is besproken. In een bijlage bij het WUP is uitgebreid ingegaan op de wijze waarop participatie heeft plaatsgevonden en hoe de inbreng van participanten heeft bijgedragen aan het resultaat. Ook richting inwoners wordt gestructureerd aandacht gegeven aan terugkoppeling over inbreng, bijvoorbeeld door bij de start van een bijeenkomst de opbrengsten van een vorige bijeenkomst expliciet te benoemen en hoe die doorwerken in het vervolg. ja
Aanbeveling 1 (Realisatie), aan de raad: Heroverweeg in 2024 de formulering van de doelstelling voor opwek en warmte en het uitgangspunt van betaalbaarheid. Zoals in de reactie op de aanbeveling aangegeven sturen college en raad nu op de doelstellingen die in de Routekaart Delft Klimaatneutraal 2050 zijn opgenomen, en was die aanbeveling tot heroverweging door het vaststellen van de Routekaart op dat punt niet meer opportuun. Dat geldt niet voor de het uitgangspunt van betaalbaarheid, specifiek die van (aansluiten op) warmtenetten. In dat kader heeft het college, samen met andere gemeenten en EBN (Energie Beheer Nederland, een agentschap van het ministerie van KGG), onderzocht of het begrip betaalbaarheid kan worden geconcretiseerd. De resultaten van dat onderzoek zijn medio september aan uw raad aangeboden. Daarnaast zal in nationale regelgeving ingegaan worden op betaalbaarheid van (aansluiten op) warmtenetten. ja
Aanbeveling 2 (Realisatie), aan het college: Rapporteer als college in 2024 waar mogelijk over de (kwantitatieve) impact van de projecten op de doelen. De Rekenkamer doet de aanbeveling aan het college om waar mogelijk over de (kwantitatieve) impact van de projecten op de doelen te rapporteren. Deze aanbeveling onderschrijft het college. Graag benadrukt het college de nuancering die de Rekenkamer hierbij maakt. Dit kan niet voor alle projecten. Bij de uitwerking van deze aanbeveling zal het college de afweging maken in hoeverre werken met modellen en bandbreedtes voldoende toegevoegde waarde heeft versus de benodigde inzet op een dergelijke rapportage. Het college nuanceert daarnaast de verwachting dat scherp inzichtelijk kan worden hoe efficiënt een investering is – inzicht in GWh-opwek of CO2-besparing per euro. Ook dit zal met modellen en bandbreedtes werken. Voor de Routekaart Delft Klimaatneutraal 2024 is doorgerekend wat de impact is van de beleidsvoornemens van de gemeente. Deze doorrekening zal bij de herziening van de Routekaart (2028) opnieuw worden gedaan. Op deze manier wordt de impact duidelijk. Bij de herziening van de routekaart zal worden bekeken tot op welk detailniveau deze doorrekeningen inzichtelijk kunnen worden gemaakt. ja
Aanbeveling 3 (Realisatie), aan de raad: Maak afspraken over de informatiebehoefte en maak hiervoor gebruik van de raadswerkgroep, En aan het college: Maak als college in 2024 in ieder geval de afhankelijkheden en risico’s inzichtelijk van 'de verschillende activiteiten en externe factoren'. Daarnaast krijgt de raad de aanbeveling om afspraken te maken over de informatiebehoefte. Het college onderschrijft deze aanbevelingen en heeft hier geen aanvulling op.Het college krijgt de aanbeveling om de afhankelijkheden en risico’s inzichtelijk te maken van de verschillende activiteiten en externe factoren. Deze aanbeveling neemt het college over. Het college heeft in de raadswerkgroep Energietransitie van juni dit jaar informeel van gedachten gewisseld over een andere wijze van invulling geven aan de halfjaar-rapportages. Mede op basis hiervan zal een aangepaste vorm van rapporteren worden geïntroduceerd, te beginnen met de halfjaarrapportage over het eerste halfjaar van 2025. Daarnaast is de energietransitie inmiddels opgenomen in de risicoparagraaf van de P&C-cyclus. ja
Goed bedoeld, onderzoek naar Maatschappelijk Verantwoord Inkopen van de gemeente Delft. Aangeboden aan de raad op 27 mei 2024, zaaknr. 2427405 1. Aanbeveling 1 aan het college: Breng eerst de belemmeringen en kansen voor MVI beter in beeld. 2. Aanbeveling 2 aan het college: Maak daarna een plan om als gemeente effectief te worden in MVOI. 3. Aanbeveling 3 aan de gemeenteraad Bespreek jaarlijks of er rond MVOI aan de goede dingen gewerkt wordt en of dat werkt. Zoals in het rapport is beschreven, is de gemeente Delft vorig jaar toegetreden tot het manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI, de opvolger van het manifest MVI). Ter uitwerking hiervan is binnen de organisatie door inkoop en vakspecialisten hard gewerkt aan een nieuw MVOI-actieplan. Ook de verbetering van de monitoring op de doelen is hierin meegenomen. In dit perspectief zien we uw aanbeveling om eerst met een verbeterde werkwijze tot betere inzichten te komen over de MVOI-resultaten en op basis daarvan in gesprek te gaan met de raad over ambities en mogelijkheden op dit vlak. Aanbevelingen worden meegenomen met evaluatie MVOI, wordt naar in Q1 2026 naar de raad gestuurd. nee
2023 Digitaal bestuur In Delft. Aangeboden aan de raad op 23 oktober 2023, zaaknr. 2405063 Aanbeveling 1 (aan de raad) Ga met het college van B&W in gesprek over het belang van een dagelijkse invulling en naleving van publieke waarden voor goed digitaal bestuur. Dat moet niet alleen gaan over de dienstverlening maar ook over het gebruik van data en digitale technologie in andere gemeentelijke processen (toezicht, planning, interactie et cetera). Wij spreken twee keer per jaar met de gemeenteraad over de ontwikkelingen op digitaal gebied. Dit betreft onderwerpen als algoritmes, privacy en Artificiële intelligentie (AI). Zoals hiervoor al genoemd wordt intern een werkgroep opgericht waarin o.a. de waarden worden besproken. Dit zullen we meenemen in de gesprekken in de gemeenteraad (commissie R&A). De gemeenteraad kan kaders stellen over welke waarden zij belangrijk vinden. Ook kan de gemeenteraad onderwerpen aandragen waarover zij meer wil weten. Wellicht kunnen we dit proces nog verbeteren, ook hierover willen wij graag in gesprek met de gemeenteraad. De waarden inclusiviteit en digitalisering verwerkt in de uitvoeringsvisie 'Delftse Dienstverlening'. Deze is op 4 december 2023 (Zaaknr. 2349780) ter kennisname naar de raad gestuurd. ja
Aanbeveling 2 (aan de raad) Verzoek het college om daarna de invulling en naleving van de nagestreefde waarden te verbinden met de (digitale) processen en werkwijzen binnen de gemeente. Deze aanbeveling nemen wij mee als een aanzet voor de in te stellen werkgroep.
Aanbeveling 3 (aan de raad) Maak met het college afspraken over de interactie over goed digitaal bestuur tussen college en raad. Wij verwijzen naar onze reactie op aanbeveling 1. We kunnen dit meenemen in de gesprekken die worden gevoerd met de raad in de commissie R&A. Mocht er tussentijds behoefte zijn aan meer informatie of over een ander onderwerp dan bestaat daartoe de mogelijkheid.
Aanbeveling 4 aan het college van B&W Betrek inwoners beter en intensiever bij goed digitaal bestuur. Op dit moment wordt gewerkt aan onze uitvoeringsvisie op dienstverlening. Deze wordt aangepast op de waarden inclusiviteit en digitalisering en wordt ook gedeeld met de raad. Daarnaast maken wij gebruik van klantreizen en feedback van inwoners.
Advies bij de Nota Armoede 2023. Aangeboden aan de raad op 22 mei 2023, zaaknr. 2321267 Geen aanbevelingen voor het college. 'Opletpunten' voor de raad nvt nvt ja
2023 Grip op verbonden partijen. Aangeboden aan de raad op 23 januari 2023, zaaknr. 2304031 • Aanbeveling A (aan raad en college): Verbeter de informatiepositie van de raad door per verbonden partij een helder en herkenbaar overzicht te bieden met voor de raad de belangrijkste politiek-bestuurlijke zaken. • Aanbeveling B (aan raad en college): Investeer meer in de vertaling van beleidsdoelen van Delft naar uitvoeringsdoelen voor verbonden partijen. Maak daarmee de bijdrage van verbonden partijen aan doelen van Delft beter zichtbaar. Deze aanbevelingen betrekken wij bij de update van de Nota Verbonden partijen, waarvoor uw rapport ook bedoeld is. De aanbevelingen van de Rekenkamer en de uitkomsten van de beeldvorming zijn verwerkt in de nota Bestuurlijke rolneming en verbonden partijen, vastgesteld door de raad op 19 juni 2025, zaaknr. 2505046 ja
Aanbeveling C (aan raad en college): Implementeer de wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Wat betreft de implementatie van de nieuwe WGR melden we graag het volgende. Meerdere wijzigingen in de WGR zijn van kracht geworden met de inwerkingtreding per 1 juli 2022 en vergen geen nadere implementatie. Deze zúllen in de praktijk gevolgd worden (bijvoorbeeld de termijnen voor zienswijze op de begroting) of kúnnen worden, indien van toepassing (bijvoorbeeld het gezamenlijk onderzoek door rekenkamers). Voorts kunnen de raden gezamenlijk een GR vragen een gemeenschappelijke (inhoudelijke) adviescommissie voor het bestuur in te stellen bestaande uit regionale raadsleden, wat reeds het geval is bij de MRDH. Het is eventueel aan de raden zich daarover te beraden voor de andere GR-en. Verder betekent een heel aantal wijzigingen dat zaken nu verplicht zijn geworden waar meerdere GR-en die zaken bij oprichting, of nadien, reeds voldoende geregeld hadden, zoals afspraken inzake opheffing en communicatie met de raden. Tenslotte zullen alle GR-en zelf nog gewijzigd moeten worden vóór 1 juli 2024, omdat de wet vraagt expliciet te zijn in de GR over bijvoorbeeld participatie. Daarom zal iedere GR in de loop van 2023 of begin 2024 een wijzigingsvoorstel van de GR voor zienswijze voorleggen aan de raden, en vervolgens nogmaals ter accordering. Dus waar verschillende zaken (ondertussen) al geïmplementeerd zijn, zullen de overige successievelijk aan de raad worden voorgelegd. Op de GR Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) na, voldoen de GR-en van Delft aan de Wgr, inclusief de wijzigingen per 1 juli 2022. De ODH heeft in 2025 gereageerd op de zienswijzen van de deelnemers. Besluit ligt voor bij de raad om toestemming te verlenen aan het college tot vaststelling van de 5e wijziging van de GR ODH (12 feb in procedure-overleg Cie R&V doorgezet naar raadsvergadering 5 mrt hamerstukken). Zodra alle raden toestemming hebben gegeven en colleges en GS het definitieve besluit hebben genomen, publiceert de provincie de regeling en daarmee zal ODH ook voldoen. ja